Roerende voorheffing: het uitgangspunt

Interesten die je als Belgische particulier ontvangt op geld dat je via een P2P-platform hebt uitgeleend, zijn in beginsel onderworpen aan de roerende voorheffing, het standaardtarief op roerende inkomsten. Dat tarief bedraagt 30%: zonder verdere regeling houdt het platform of de schuldenaar dat percentage in op de interesten die je ontvangt, of geef je het zelf aan tegen dat tarief. Voor een P2P-belegger die via een crowdlendingplatform in gewone, niet-vrijgestelde leningen belegt, is dit de regel waar je vanuit moet gaan.

Deze voorheffing is een eindheffing: is ze correct ingehouden, dan hoef je de interesten in de regel niet nog eens afzonderlijk te belasten in je aangifte personenbelasting. De federale overheid heeft wel een specifieke uitzondering gemaakt voor crowdlending aan startende ondernemingen, die de belastingdruk voor een deel van je interesten kan wegnemen.

De vrijstelling voor crowdlending: hoe ze werkt

Voor interesten uit leningen aan startende ondernemingen via crowdlending bestaat een vrijstelling van roerende voorheffing op een eerste schijf van interesten per jaar. Voor de aanslagjaren 2025 tot en met 2030 ligt die geïndexeerde eerste schijf op €16.270 (het niet-geïndexeerde basisbedrag is €9.965; de federale overheid heeft de indexering voor die periode bevroren op het niveau van aanslagjaar 2025). Blijven je interesten uit kwalificerende crowdlendingleningen in een jaar onder dat bedrag, dan betaal je over dat deel geen roerende voorheffing. Leen je via meerdere kwalificerende leningen tegelijk, dan telt de schijf over al die interesten samen, niet per lening.

Komen je interesten uit kwalificerende crowdlending boven die schijf uit, dan is alleen het deel erboven, het excedent, alsnog onderworpen aan de gewone roerende voorheffing van 30%. De vrijstelling werkt dus als een jaarlijkse drempel, niet als een volledige vrijstelling van elk bedrag dat je aan interesten ontvangt.

Voorwaarden aan de lening zelf

Niet elke lening via een crowdlendingplatform komt voor deze vrijstelling in aanmerking. De lening moet een minimale looptijd van 4 jaar hebben, met een interestvoet die jaarlijks uitbetaald wordt, en mag geen herfinanciering zijn van een bestaande lening. Een kortlopende lening, of een lening die een eerdere schuld herfinanciert, valt dus buiten de regeling, ook als ze via een crowdlendingplatform loopt.

Voorwaarden aan de kredietnemer

De vrijstelling geldt alleen voor interesten op leningen aan een startende onderneming. Die onderneming mag op het moment van de lening maximaal 48 maanden ingeschreven staan in de Kruispuntbank van Ondernemingen of een vergelijkbaar register in de Europese Economische Ruimte, en moet bovendien een “kleine vennootschap” zijn: ze mag niet meer dan één van de drie criteria overschrijden die daarvoor gelden (een maximumaantal werknemers, een omzetgrens en een balanstotaalgrens). Een eenmanszaak komt als kredietnemer niet in aanmerking voor deze vrijstelling: alleen vennootschappen die aan de voorwaarden voldoen, kwalificeren.

Voorwaarden aan de kredietgever en het platform

Als kredietgever moet je een natuurlijke persoon zijn die de lening afsluit buiten je beroepswerkzaamheid, of je nu inwoner van België bent of niet. De lening moet bovendien worden afgesloten via een platform dat door de FSMA is erkend als aanbieder van crowdfundingdiensten. Leen je rechtstreeks buiten een erkend platform om, of via een platform zonder die erkenning, dan valt de lening sowieso buiten de vrijstelling, ongeacht de andere voorwaarden.

Aangifteplicht: wat je zelf moet doen

De vrijstelling loopt niet automatisch zonder dat jij iets doet. Als particuliere kredietgever moet je in je jaarlijkse aangifte in de personenbelasting het aantal leningen vermelden dat je onder deze regeling hebt lopen. Alleen de interesten binnen de eerste schijf van €16.270 per jaar (aanslagjaren 2025-2030) blijven vrijgesteld; leen je zoveel uit dat je interesten boven dat bedrag uitkomen, dan moet je dat excedent zelf als zodanig aangeven. Ga er niet van uit dat een platform deze aangifte voor je verzorgt: de verantwoordelijkheid om het juiste bedrag te vermelden, ligt bij jou als belegger.

Wat dit betekent voor je eigen situatie

Leen je via een FSMA-erkend platform aan een jonge, kleine vennootschap voor minstens 4 jaar met jaarlijkse interestbetaling, dan blijft een eerste schijf van je interesten onbelast; buiten die voorwaarden geldt het standaardtarief van 30%. Twijfel je of een lening kwalificeert, vraag dat dan na bij het platform, en houd je eigen jaarlijkse optelling van interesten uit dit soort leningen bij.

Vergelijk vergunde platforms